Veranderende perspectieven: een discussie over dekolonisatie in een Indonesische context  

Door: Sadiah Boonstra en Caroline Drieënhuizen 

De afgelopen tijd heb ik niet veel hier geschreven, onder andere omdat ik samen met collega Sadiah Boonstra elders (het forum van het Centre for Imperial and Global History van de University of Exeter) in een discussie met een historicus, Paul Doolan (Zürich International School / Universität Konstanz) verwikkeld was geraakt over de Nederlandse dekolonisatie. Hieronder een samenvatting waarbij u verder kunt klikken naar de oorspronkelijke, Engelstalige, blogs.

Er is de laatste paar maanden veel gebeurd op dit terrein: de Zwitsers-Nederlandse Rémy Limpach bracht begin oktober 2016 de handelsuitgave van zijn proefschrift uit; De brandende kampongs van generaal Spoor. Hierin stelt hij dat tijdens de Indonesische onafhankelijkheidsoorlog (1945-1949) structureel geweld werd gebruikt door de Nederlanders in Nederlands-Indië en dat dat met medeweten van de Nederlandse legerleiding werd gedaan. kampongs-brandenHet gaat dus niet om excessen, zoals lange tijd werd geclaimd en verondersteld, maar er werd systematisch en structureel geweld toegepast. De Nederlandse overheid besloot op vrijdag 2 december j.l. dat er nieuw, door de overheid gefinancierd onderzoek moet komen naar de gebeurtenissen tijdens de Indonesische onafhankelijkheidsstrijd.

In deze context publiceerde Paul Doolan medio november dit blog op het forum https://imperialglobalexeter.com/ waarin hij stelde dat Nederlandse historici, vooral in Leiden, een gesloten gilde vormen waar een omerta over de gruwelijkheden van de Nederlandse dekolonisatieperiode bestaat. Als oplossing om die stilte te doorbreken, acht hij van doorslaggevend belang de inmenging van buitenlandse historici als zichzelf, Limpach, romanschrijvers, journalisten en juristen.

Wij verwijten Doolan in onze reactie dat hij in zijn blog een te simplistisch beeld schetst van het Nederlandse historische metier. Zijn analyse van het zogenaamde besloten Leidse gilde vinden wij kortzichtig. Er zijn de laatste jaren veel meer historici dan Doolan stelt die zich bezighouden met dekolonisatie en bijdragen aan een beter begrip van de koloniale geschiedenis.

In zijn antwoord op ons blog verdedigt Doolan zich door te stellen dat hij het specifiek had over een bepaalde, afgebakende periode, namelijk de jaren 1945-1949. Wij zijn van mening, en dat benadrukken we in onze laatste reactie op het weblog van het Centre for  Imperial and Global History nog eens, dat de uitgesproken gewelddadige en complexe geschiedenis van die korte periode niet los te zien is van de bredere historische context van koloniale geschiedenis. Om die cruciale periode te kunnen begrijpen is het ons inziens noodzakelijk een compleet andere, gedekoloniseerde, blik op de Nederlandse geschiedenis te werpen. Want politieke dekolonisatie vond weliswaar relatief snel plaats, maar dekolonisatie van de geest, van identiteiten, zelfbeelden, taal en cultuur, was en is een lang en complex proces. De gebeurtenis van politieke dekolonisatie valt niet te begrijpen zonder de geschiedenis gedekoloniseerd te benaderen.

tm-h-796
Hier zien we een afbeelding van Surapati, een voormalige Balinese slaaf die vocht tegen de Nederlandse kapitein Tack en hem om het leven bracht. Het verhaal wordt hier verteld vanuit Javaans perspectief. Voor de Nederlanders was Surapati een moordenaar, terwijl de Javanen hem als vrijheidsstrijder zagen. Later is hij als een van de eerste Indonesische onafhankelijkheidsstrijders beschouwd en uitgeroepen tot nationale held. Collectie Nationaal Museum van Wereldculturen, inv.nr. TM-H-796.

Kolonialisme is, zowel in de voormalige koloniën als in Europa, immers diep verankerd in de cultuur en waarden van de huidige samenleving. Het bezit van koloniën en vanuit dat bezit denken over bevolking en land vormden gedurende bijna vierhonderd jaar een onlosmakelijk en zelfs centraal onderdeel van Europa’s identiteit en die van Nederland. Het was niet alleen van invloed op de economieën en politieke constellaties van zowel de koloniserende als gekoloniseerde landen, maar het bepaalde ook het denken en handelen en de betekenisgeving aan mensen en cultuur. Deze betekenisgeving had ook invloed op de geschiedschrijving, want wie schreef de geschiedenis en wie bepaalde het discours?

Het vereist een dwarse, gedekoloniseerde blik op de geschiedenis om die goed te kunnen doorgronden en daarmee te herschrijven, zonder geleid te worden door traditionele, Eurocentrische, paternalistische perspectieven. Een blik waarbij samenwerking en dialoog met Indonesische historici noodzakelijk is om die veelheid aan ervaringen en realiteiten te kunnen begrijpen. Prominente Indonesische historici als Bambang Purwanto en Ariel Heryanto pleiten daar ook voor en wij sluiten ons daar graag bij aan.

Over coauteur Sadiah Boonstra: sadiah
Sadiah is gepromoveerd op een onderzoek naar erfgoedvorming in Indonesië met het wajang poppentheater als casestudy. Ze is onafhankelijk onderzoeker en conservator en maakte diverse tentoonstellingen voor het British Museum, het Erasmushuis, Tropenmuseum, het Nationaal Gevangenismuseum en NiNsee. Sadiah werkt in Indonesië en Nederland.

7 gedachtes over “Veranderende perspectieven: een discussie over dekolonisatie in een Indonesische context  

  1. André Paijmans schreef:

    Beste Caroline en Sadiah,

    Ik heb jullie blog met veel belangstelling gelezen. Ook Lizzy van Leeuwen spreekt in de De Groene Amsterdammer van 20 oktober 2016 van een old boys network onder historici als zij Frances Gouda citeert. Wat van dit complotdenken ook zij, het laat onverlet dat dit beeld betrekking lijkt te hebben op een vorige generatie historici. Ook Paul Dolan spreekt in zijn artikel ‘Decolonizing Dutch History’ van 16 november jl. over the ‘winds of change (that) are blowing even through the heartland of the guild’. Bij de namen van jonge historici wordt ook Stef Scagliola genoemd. Zij spreekt in haar proefschrift ook over een doofpot en zelfcensuur in de decennia na de dekolonisatieoorlog (p.107) Deze kwalificaties slaan terug op de gehele Nederlandse samenleving in die tijd en zien m.i.niet specifiek op een gesloten Leids gilde van historici. Ik ben het eens met jullie dat de korte periode van 1945 tot 1949 niet los kunt zien van voorgaande eeuwen. Waarschijnlijk heeft de eeuwenlang bestaande en gekoesterde mythe dat onze vorm van kolonialisme superieur is echter wel bijgedragen aan de doofpot en zelfcensuur in de Nederlandse samenleving (en dus ook onder oudere Nederlandse historici).

    Ik las overigens in De Volkskrant van gisteren een interessant artikel over een Indonesische historicus en zijn visie op de geschiedschrijving in beide landen.

    Voor nu hartelijke groet en een fijne jaarwisseling gewenst,

    André Paijmans

    Like

    1. Caroline Drieënhuizen schreef:

      Beste André, dank voor je reactie. Het artikel van Lizzy is een waardevolle toevoeging. Een groot deel van wat zij zegt, zie ik ook terug in het blog van Doolan. Waar wij nu vooral voor pleiten is een geheel andere methode en benadering, samen met Indonesische historici en weg van een Neerlandocentrisch of Eurocentrisch perspectief. Naar dat artikel in de Volkskrant ben ik wel nieuwsgierig. Kun je een link geven? Goed uiteinde en tot in het nieuwe jaar!
      Hartelijks. Caroline

      Like

  2. Louis Zweers schreef:

    Beste Caroline,

    Inderdaad vrees ik dat de historicus Paul Doolan niet op de hoogte is van de vele publicaties over de koloniale oorlog 1945-1949. Volgens hem is zelfs inmenging van buitenlandse historici als zichzelf, Limpach e.a. noodzakelijk. Ik ben een Leidse (kunst)historicus en al jarenlang bezig met het blootleggen van het andere verhaal over de koloniale oorlog. Zo’n twintig jaar geleden, medio jaren negentig, publiceerde ik al een reeks boeken met onbekende foto’s over het harde oorlogsgeweld tijdens de dekolonisatiestrijd. (Front-Indië, Walburg Pers, Zutphen, 1994; Agressi II: Operatie Kraai, SDU Den Haag, 1995; Strijd om Deli, Walburg Pers, 1997; Indië voorbij, Walburg Pers, 1998.) In diezelfde tijd werd ook een expositie met beelden uit het boek “Front Indië” in vier Nederlandse musea getoond. Daarna heb ik nog veel artikelen over dit onderwerp in de media gepubliceerd. Die boeken resoneerden weliswaar in de publieke opinie, op de radio en televisie en in de kranten werd er volop aandacht aan besteed maar verder ging het niet. In die tijd bleef het heel erg stil bij politiek Den Haag en de wetenschappelijke instellingen als het NIOD, KITLV en NIMH.

    In de handelseditie van mijn dissertatie “De gecensureerde oorlog. Militairen versus media in Nederlands-Indië 1945-1949″ (Erasmus Universiteit Rotterdam/Walburg Pers, 2013, 400 pp.) wordt uitvoerig ingegaan op de rol van de media en de legervoorlichtingsdiensten bij het toedekken van de werkelijke oorlogssituatie en het geweld. Als gastcurator (i.s.m. NIOD-historici Erik Somers & René Kok) heb ik de veel besproken foto-expositie over de koloniale oorlog 1945-1949. Gewenst en ongewenst beeld” in het Verzetsmuseum te Amsterdam in 2015 (in het Oorlogsmuseum te Overloon in 2016) samengesteld. Tevens verscheen een herdruk van het boek “Koloniale oorlog. Van Indië naar Indonesië” (uitgeverij Carrera, Amsterdam, 1e druk 2009, 2e druk 2010, 3e druk 2015) met beelden van de destijds gecensureerde en vrijgegeven beelden van het Nederlandse militaire optreden. In al deze publicaties en exposities stond het militaire geweld op de voorgrond.

    Vriendelijke groet,
    Louis Zweers

    Like

    1. Caroline Drieënhuizen schreef:

      Beste Louis,
      Dank voor je uitgebreide reactie en waardevolle toevoeging!
      Inderdaad, we hadden ook heel goed jouw publicaties en projecten kunnen noemen. Eigenlijk zijn er nog zoveel mensen en publicaties te noemen die allemaal, met soms hun heel eigen specifieke benadering en onderzoek, bijdragen aan het voortgaande onderzoek naar de dekolonisatie van voormalig Nederlands-Indië. Een ‘gedekoloniseerde’, transnationale benadering bij dat onderzoek vinden wij heel belangrijk en we hopen dat die oproep meer mensen zal aanspreken.

      Vriendelijke groet, Caroline

      Like

    2. Paul Doolan schreef:

      Beste Louis,
      I don’t think you need to fear that “Paul Doolan niet op de hoogte is van de vele publicaties over de koloniale oorlog 1945-1949. ” On the contrary, I first wrote about your work twenty years ago – “Time for Dutch Courage in Indonesia” History Today Magazine, April, 1997. I praised your “De gecensureerde oorlog. Militairen versus media in Nederlands-Indië 1945-1949″ in the same University of Exeter blog that Caroline refers to: https://imperialglobalexeter.com/2014/04/06/dutch-imperial-past-returns-to-haunt-the-netherlands/. I flew to Amsterdam in December 2015 to see your exhibtion, which I thoroughly enjoyed. Your work features prominently in my forthcoming Phd thesis on Dutch (un)remembering.

      Trowens, ik weet niet of “inmenging” het beste woord is om het werk van buitenlandse collega’s aan te duiden.

      Vriendelijke groeten,

      Paul Doolan

      Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s