De biografie van een ambtsketen: de keten van de sultan van Ternate

Niet alleen mensen, maar ook objecten hebben een biografie. In dit artikel staat centraal de levensloop van een ambtsketen van de sultan van Ternate, afkomstig uit de collectie van het Rijksmuseum en sinds 2013 ‘op zaal’ te bewonderen. De verschillende betekenissen die tijdens het ‘leven’ van de keten door verschillende groepen mensen aan het voorwerp zijn toegeschreven, bieden een venster op de koloniale en postkoloniale geschiedenis en de manier waarop daar mee omgegaan werd en wordt. Uiteindelijk blijkt dat in Nederland na de Tweede Wereldoorlog de keten vooral begrepen werd vanuit een Nederlands-nationaal perspectief op de geschiedenis. De (post)koloniale geschiedenis is sindsdien naar de achtergrond verdwenen en bijna altijd benaderd vanuit een Westers perspectief.

Advertenties

Gesnelde schedels, een geweer en kompas: Georg Müller en een groep Dayaks

Het leven van de uit Mainz afkomstige en in de Nederlandse kolonie gestorven Georg Müller en de aan hem toegeschreven objecten laten ons zien hoe de geschiedenissen van de diverse Europese staten met elkaar en de diverse koloniën waren verbonden. De betekenissen van die voorwerpen geven bovendien inzicht in de werking van het kolonialisme: machtsoverheersing gebaseerd op raciaal-culturele ideeën over beschaving versus primitiviteit, superioriteit versus inferioriteit.

De materiële erfenis van de Lombokexpeditie

Steeds meer musea beginnen kritisch naar de herkomst van hun eigen, koloniale, collecties te kijken. Sinds de teruggave van voormalige koloniale collecties internationaal op de agenda werd gezet, zijn velen van mening geweest dat zich weinig tot geen koloniale roofbuit zou bevinden in Nederlandse musea. Ik denk echter dat we ons nog niet ten volle realiseren hoezeer alomtegenwoordig deze koloniale ‘last’ juist is – niet alleen in etnografische, maar zelfs in kunst- en cultuurhistorische musea als bijvoorbeeld het Rijksmuseum. Aan de hand van roofbuit uit de Lombokexpeditie van 1894 probeer ik dat hier aan te tonen.

Een ‘lelijk vuil ding’: een diamant in het Rijksmuseum en de doorwerking van koloniaal denken

Eén van de objecten die centraal staat in het onderzoek van het Rijksmuseum naar de herkomst van verschillende voorwerpen is de diamant van de sultan van Banjarmasin. De betekenissen die aan deze diamant zijn toegeschreven, laten zien hoe koloniale denkbeelden en identiteiten tot op heden nog steeds doorwerken. Een kritische reflectie daarop is noodzakelijk, ook als het gaat om de vraag of de diamant rechtmatig is verworven of niet.

De Vrede van Breda en de zwarte, Molukse, bladzijden uit de geschiedenis

Dit jaar (2017) is het 350 jaar geleden dat de Vrede van Breda (1667) werd getekend. Deze gebeurtenis wordt niet direct geassocieerd met de minder fraaie kanten van het koloniaal verleden die betrekking hebben op dit verdrag, namelijk de slavenhandel in de West en de gebeurtenissen in de Banda-archipel. Aan de hand van een schilderij dat een gezicht op Banda biedt, een kruidnagelscheepje en een tekening van een slavin bespreek ik de zwarte bladzijden uit de Nederlandse koloniale geschiedenis in de Molukken. Voorts pleit ik ervoor dat deze kant van de geschiedenis nu eens goed belicht gaat worden.

Een eigenlijk niet zo’n ‘merkwaardig boek’: de koran van Teuku Umar in Nederland vervolgd

De levensloop van de koran van de bekende Acehese verzetsleider, Teuku Umar, is nu helemaal gereconstrueerd. Deze blogpost laat zien hoe het werk van heilig schrift tot roofbuit tot stedelijke bezienswaardigheid en museumobject in een dekoloniserende wereld veranderde in een ‘gewoon’ Indonesisch heilig schrift op de Landbouwhogeschool in Wageningen en later op het Stedelijk Gymnasium in Schiedam. Uiteindelijk verloor de koran ook daar zijn onderwijskundige meerwaarde en belandde het weer in een museum, ditmaal het Rotterdams etnografisch museum. Behalve de vermeende herkomst is het namelijk een simpele, huis-tuin-keukenkoran en de betekenissen die eraan toegeschreven zijn, geven dan ook vooral inzicht in de veranderende omgang van Nederland met zijn koloniale geschiedenis van verovering en overwinning.

Origineel water uit de Jordaan en kamelenkeutels: over de politisering van erfgoed

Een potje met origineel water uit de Jordaan laat zien hoe religieuze souvenirs hun betekenis krijgen door hun band met de historische plek van herkomst. De beleving van authenticiteit is daarbij van groot belang. Authenticiteit blijkt echter soms niet meer dan slechts een constructie te zijn, bepaald door sociale en culturele processen en veelal beïnvloed door machtsrelaties. Erfgoed is eigenlijk altijd politiek en dat wordt hier geïllustreerd met de discussie over de authenticiteit van de verschillende plaatsen aan de Jordaan die claimen dé doopplaats van Jezus te zijn.

Echt woestijnzand. Over reizen en souvenirs

Een blikje met de tekst ‘Echte woestijnzand’ leidde me naar de tweelingzussen Woltera en Maria Steinmetz (1893-?) die in 1930 van Nederlands-Indië naar Nederland vertrokken en onderweg souvenirs verzamelden. Deze souvenirs en de manier waarop ze er mee omgingen, waren van invloed op hun identiteit en communiceerden die naar anderen toe. Eenmaal aan het museum geschonken verloren deze betekenisvolle objecten echter hun persoonlijke herinneringsfunctie en werden het souvenirs zoals er zoveel zijn.

‘Authentieke’ kunsten en culturen en Yogya-zilver

Het Nederlandse koloniale denken over de islam als een vijandige en inferieure godsdienst leidde ertoe dat ook de Indonesische islamitische kunst en cultuur als niet-authentiek en van minder groot belang werd beschouwd. De hindoeïstische en boeddhistische culturen uit het verleden werden gezien als de oorspronkelijke, ‘authentieke’ Indonesische beschaving. Dit ziet men ook terug in de waardering van een moskee in Mantingan wiens decoraties onder leiding van Europese dames gebruikt werden voor het creëren van ‘authentiek’ zilverwerk uit Yogyakarta.