Zwelgen in een mythisch verleden: de VOC en haar mentaliteit

De VOC en VOC-mentaliteit staan nog steeds voor dé Nederlandse identiteit. Dergelijke negentiende-eeuwse mythes zijn historisch incorrect en gebruik daarvan werkt politiserend.

Op een koude, winderige herfstdag stond ik ooit eens op de replica van het VOC-schip ‘Batavia’ in Lelystad en hoorde de verhalen over dappere zeelui die in dienst van een groep slimme ondernemers naar ‘de Oost’ voeren en onderweg de meest spannende avonturen beleefden. Ik kon me er maar weinig bij voorstellen. Dat lag niet alleen aan het feit dat ik kort daarvoor ongenadig zeeziek was geweest op een nog minder groot schip, maar ook omdat mijn beeld van de VOC een ander is. Namelijk een waarin geweld, verovering en onderdrukking, relatieve rijkdom, en diverse nationaliteiten in plaats van enkel het ‘Nederlandse volk’ (een anachronisme bovendien) de hoofdrol spelen. Lees meer…

Gepubliceerd op Over de Muur op 14 september 2017.

Advertenties

De verschillende gezichten van Indonesië: recensie ‘Ancestors & Rituals’ & ‘Power and other things. Indonesia & Art 1835 – now’

Europalia 2017-20184 | 1 | 2018

Recensie ‘Power and other things. Indonesia & Art 1835 – now’ (nog te zien tot 21 januari 2018) en ‘Ancestors & Rituals’ (nog te zien tot 14 januari 2018) in BOZAR / Paleis voor Schone Kunsten, Brussel

Op de valreep bezocht ik afgelopen week in BOZAR in Brussel twee bijzondere tentoonstellingen die Indonesië en haar geschiedenis en cultuur tot onderwerp hebben. Beide komen voort uit het Europalia Arts Festival dat elke twee jaar wordt gehouden en dit jaar Indonesië als gastland heeft. De twee tentoonstellingen roepen bij bezoekers twee diametraal tegenovergestelde beelden van Indonesië op. In de ene tentoonstelling loop je naar buiten met het idee van een land met een fascinerende en rijke, maar statische, overwegend tribale, cultuur en bij de ander overheerst het beeld van een modern land met een complexe geschiedenis die nog steeds actueel is in de kunst en cultuur. Lees verder

Banda en de Heren van de Thee: het beperkte zicht op complexe geschiedenissen

30 | 12 | 2017

Een oud-collega vertelde me tijdens de kerstborrel dat hij dit voorjaar met het Historisch Nieuwsblad voor het eerst naar Indonesië zou gaan. Tijdens de reis zouden volgens hem deskundigen de deelnemers bijpraten over de koloniale geschiedenis en de plekken die ze bezochten. Net zelf uit Indonesië gekomen, raakte ik nieuwsgierig en zocht ik op waar de reis heen gaat: naar de ruïne van het VOC-fort in Banten, de restanten van het erfgoed van de VOC in Jakarta, de botanische tuin in Bogor en een plantage in de Preanger (’s avonds wordt natuurlijk in de tropennacht Hella Haasse’s Heren van de thee besproken). Ook het ereveld Kalibanteng in Semarang wordt aangedaan, evenals sultansstad Yogyakarta en tot slot Surabaya. Lees verder

Raden Saleh in Singapore: recensie tentoonstelling ‘Between Worlds: Raden Saleh and Juan Luna’

27 | 11 | 2017

Raden Saleh in Singapore: recensie tentoonstelling ‘Between Worlds: Raden Saleh and Juan Luna’ – nog t/m 11 maart 2018 in de National Gallery in Singapore

Zo vaak gebeurt het niet: de Javaanse kunstenaar Raden Saleh (1811-1880), die Europees opgeleid was en in westerse stijl schilderde, als onderwerp van een kunsthistorische tentoonstelling met een historisch verhaal. In Nederland zijn het vooral puur cultuurhistorische tentoonstellingen over Nederlands-Indië die zijn schilderijen etaleren. Weliswaar hangt Raden Saleh in het Rijksmuseum, maar daar is zijn werk onderdeel van het cultuurhistorische ‘uitstapje’ naar de geschiedenis van ‘Nederland overzee’. Zo ontstijgt hij het etiket van ‘unieke Javaan in een Europese context’ maar zelden. Soms neigt de manier waarop hij wordt gepresenteerd zelfs naar het aanschouwen van een rariteit. En als zijn werk opgenomen wordt in een Nederlandse tentoonstelling waarin zowel Raden Salehs kunsthistorische als historische belang wordt uitgelicht, zoals dat gebeurde in 2009 in ‘Beyond the Dutch’ (Centraal Museum, Utrecht), dan maakt zijn werk deel uit van een groter geheel van werk van andere kunstenaars. Lees verder

Een ‘lelijk vuil ding’: een diamant in het Rijksmuseum en de doorwerking van koloniaal denken

Deze week maakte het Rijksmuseum bekend onderzoek te willen doen naar de al dan niet rechtmatige verwerving van verschillende objecten. Eén van de objecten die centraal staat in het onderzoek is de diamant van de sultan van Banjarmasin die vanaf het midden van de twintigste eeuw niet meer te bezichtigen is geweest, maar nu weer tentoongesteld wordt in Nederlands nationale museum bij uitstek. Lees verder

Recensie tentoonstelling ‘Sporen van Smaragd’ – Spoorwegmuseum, Utrecht

2 | 8 | 2017

Recensie tentoonstelling ‘Sporen van Smaragd’ – Spoorwegmuseum, Maliebaanstation, Utrecht

Nog te zien t/m 10 november 2017

Al sinds het begin van deze eeuw probeert het Utrechtse Spoorwegmuseum (met de slogan: ‘dat wil je beleven!’) met de in de museale wereld zowel verguisde als verafgode concepten ‘beleving’ en ‘ervaring’ bezoekers te trekken en ze daarmee ook nog iets bij te brengen. ‘Educatie door vermaak’, noemde (sinds deze maand voormalig) directeur Marten Foppen dat vorig jaar.[1]

Een simulator, een achtbaan in de vorm van een trein en theater zouden vooral kinderen, maar ook hun (groot)ouders, iets bij moeten brengen over de geschiedenis van het Nederlandse spoor. Er mocht ‘geen sprake’ zijn van ‘verpretparkisering’, aldus de directeur. Een goede balans tussen beleving en inhoud was vereist – vermoedelijk dat het museum daarom tamelijk klassiek-inhoudelijke tentoonstellingen als ‘Sporen van Smaragd’, over de geschiedenis van het spoor in de voormalige kolonie Nederlands-Indië, organiseert. Lees verder

De slachtoffers die op het politieke slagveld bleven liggen: postkoloniale migranten, 1950-1965

Jules Schmidt Weymans TM-60059559

Jules Schmidt Weymans, 1905. Foto van Leonard Freed. Collectie Nationaal Museum van Wereldculturen, inv.nr. TM-60059559

Deze foto, van de latere Amerikaanse Magnumfotograaf Leonard Freed, is aangrijpend door de kwetsbaarheid van de afgebeelde personen: de oude man staat licht voorovergebogen, zijn handen, in handschoenen gehuld, omklemmen zijn aktetas. Hij lijkt zijn dikste trui te hebben aangetrokken en zijn enige sjaal omgewikkeld. Om zijn hals hangt een letter waarnaar de opvarenden bij aankomst werden ingedeeld. Het is 1960 en het schip, afkomstig uit Indonesië, is gearriveerd in Amsterdam, maar de man lijkt met zijn tropenhelm en zijn snor hij niet alleen uit een ander werelddeel, maar ook uit een andere eeuw afkomstig te zijn. Hij staart in de verte, afwachtend, kijkend naar wat letterlijk komen gaat. Het kleine jongetje op de achtergrond, in een skipak avant la lettre, zijn capuchon over zijn hoofd, merkt de man niet op. Het kijkt mijmerend naar zijn in wanten gehulde knuistjes. Wat houdt hij daar vast? Lees verder